BOEIENDE BACH ZONDER MUZIEK
Dirigent en musicus Ton Koopman voltooide enige tijd geleden zijn omvangrijke Bachproject.
Over de Bachcantates, en wat er allemaal komt kijken bij het uitvoeren en opnemen daarvan,
kan Koopman zeer beeldend vertellen. En dat deed hij, tijdens een door Bruno Klassiek georganiseerde
lezing op zaterdag 20 mei 2006 in het Frans Hals Museum te Haarlem.
De Renaissancezaal was rijk gevuld met Bachliefhebbers die niet alleen uit Haarlem en omgeving,
maar uit het hele land waren toegestroomd. Stil en aandachtig luisterde het publiek hoe Koopman
achtergronden belichtte van de uitvoeringspraktijk en de verschillende opvattingen van musicologen en musici
hierover.
Verschillende stemmingen
Koopman schetste Bach als een praktisch mens die zijn muziek weet aan te passen aan de mogelijkheden waarover hij in Leipzig
beschikte. Wanneer je de muziek van Bach vanuit deze kennis benadert, zijn veel vragen oplosbaar. Hij maakte duidelijk dat in
Bachs tijd verschillende stemmingen werden gebruikt en gaf hiermee antwoord op de vraag hoe een blokfluitpartij noten kan
bevatten die hoger zijn dan men op de blokfluit kan spelen.
Enkelvoudig of meervoudig?
Koopman keek niet alleen naar zijn eigen interpretatie. Zo vertelde hij
over zijn ervaringen met de befaamde cantateserie die Gustav Leonhardt
en Nikolaus Harnoncourt in de jaren ?60 en ?70 opnamen. Als leerling
van Leonhardt blijkt hij heel wat passages op het clavecimbel
ingespeeld te hebben, zonder dat zijn naam wordt genoemd.
Ook ging hij diep in op de door de Amerikaanse musicoloog en
clavecinist Joshua Rifkin naar voren gebrachte opvatting dat Bach geen
koren had gebruikt, maar alle koorpartijen enkelvoudig had uitgevoerd.
Koopman is het hiermee niet eens. Het feit dat er van veel werken
slechts enkele exemplaren per partij bestaan (een van de argumenten van
Rifkin) heeft volgens hem voornamelijk een economische reden. Papier
was in Bachs tijd duur en de meeste koorzangers waren armlastig. Op
veel schilderijen is dan ook te zien dat musici samen uit een partij
lezen. Bovendien heeft de Thomaskirche een moeilijke, nogal droge
akoestiek waar enkelvoudige bezetting met niet altijd even
professionele musici voor Bach geen bevredigend resultaat opgeleverd
zou kunnen hebben.
Slotakkoord
Van de mogelijkheid tot het stellen van vragen werd ruim gebruikgemaakt. Zo kwamen we te weten dat Ton Koopman de komende jaren
veel aandacht aan de muziek van Buxtehude zal schenken en dat zijn favoriete Bach-cantate Herr Jesu Christ, wahr' Mensch
und Gott (BWV 127) is.
Het slotapplaus was beslist verdiend voor deze bevlogen en enthousiaste musicus, die ook zonder muziek weet te boeien!
|